Aanleiding voor het debat

Waarom wil de fractie van GroenLinks debateren over het ambitiedocument Leeuwarden-oost? Laat ik die vraag eerst beantwoorden. Eigenlijk zijn er twee redenen en die zijn beide ingegeven door de inbreng van dhr. van Spijker:

  1. Als je het programma tot een succes wilt maken moet de raad aan de voorkant scherp zijn op wat je wilt bereiken en vervolgens ruimte geven in de uitvoering.
  2. Het programma wordt alleen een succes als je langjarig focus aanbrengt.

Als fractie zullen wij aangeven hoe wij kijken naar de drie debatpunten:

1. Steunen de fracties een langjarige / verhoogde inspanning van de gemeente in het gebied Leeuwarden-oost?

Een langjarige, intensieve inzet in Leeuwarden is in onze ogen niet vrijblijvend en niet gratis. Daarom vinden we het vreemd dat de gemeenteraad niet het ambitiedocument vaststelt, maar straks wel concretere vragen krijgt voorgelegd co-financiering en de inkleuring van het programma. De raad moet toch juist meer sturen op doelen en hoofdlijnen (in plaats van middelen)? Bovendien kan dit programma niet succesvol zijn als het geen ruggensteun heeft vanuit de gemeenteraad.

Het lijkt ons daarom goed om als raad duidelijk commitment uit te spreken en ook duidelijk uit te spreken als we dit niet zien zitten. Want dit ambitiedocument is niet vrijblijvend. De fractie van GL zegt hierop volmondig: ja.

De sociale problematiek in deze wijken is evident en die kan alleen worden opgelost door hier langjarig aandacht aan te besteden en dwars door alle domeinen te werken. Dat we ons daarbij niet moeten beperken tot de bakstenen illustreert het volgende citaat van LC-columnist Daniël Coenen (een Rotterdammer in Leeuwarden):

“Een nieuw huis betekent nog geen werk. Een verse speeltuin in de buurt verhoogt niet je opleidingsniveau. Kortom: met die lekkere zichtbare wijkontwikkeling kom je er niet. Wil een wijk erop vooruit gaan, dan is het zaak dat uiteindelijk de bewoners ervan een beter leven hebben. Met zaken als een betere gezondheid, structureel inkomen en minder schulden. Dit vraagt een lange adem en méér dan bakstenen.”

En dat laatste is onze ogen precies de strekking van het programma Leeuwarden-Oost.

2. Welke focus moet in het programma worden aangebracht? (M.a.w. welke doelstellingen krijgen wat u betreft prioriteit?)

Qua focus zouden we het onderwerp armoede en schulden centraal willen zetten. Wat ons betreft is bestaanszekerheid de sleutel om het welzijn van de huidige inwoners en het toekomstperspectief van de volgende generatie te verbeteren.

De impact van armoede is groot. Niet alleen voor de mensen die er nu mee te maken hebben, maar ook voor hun kinderen. Bestaanszekerheid is echt de sleutel voor het aanpakken van de problemen in deze wijken. Door de stress van schulden weg te nemen en daardoor bijvoorbeeld de vraag of je aan het eind van de week wel voldoende geld over hebt om eten te kopen, ontstaat er ruimte om beter te zorgen voor je eigen gezondheid en je in te zetten voor je omgeving.

GroenLinks vindt dat alles uit de kast moet worden gehaald om van Leeuwarden-Oost een schulden- en armoedevrij stadsdeel te maken. Daarbij moeten we iets anders doen, dan wat we tot nu toe deden. GroenLinks is voorstander van een pilot waarbij problematische schulden worden kwijtgescholden. Daarvoor moet een schuldenfonds worden opgezet met private partijen zoals banken en fondsen, nutsbedrijven, woningbouwcorporaties en (verschillende) overheden. 

3. Wat willen raadsleden meegeven voor de verdere uitwerking van het programma?

Wij willen dat tijdens de looptijd van het programma het inwonerperspectief steeds centraal staat. Het  risico bestaat dat het programma gaandeweg het speeltje wordt van alle organisaties die betrokken zijn. GroenLinks wil dat inwoners zich meer betrokken voelen bij hun wijk en daarvoor is het nodig ze eigenaarschap krijgen.“Wij denken bijvoorbeeld aan het organiseren van een jaarlijks G1000 Burgerberaad, waar inwoners op basis van loting aan meedoen. Daar zouden inwoners besluiten kunnen nemen over het beheer van de wijken.”

Als het gaat om gezondheid geven we nog een uitwerkingspunt mee. Op dit moment loopt de Archipelweg nog als een brede asfaltbarrière door het gebied. Kinderen hebben het over ‘de grote weg’ die ze niet mogen oversteken.

Als we beweging willen stimuleren en de oostelijke wijken echt beter met de rest van Leeuwarden willen verbinden, dan moeten we hier andere keuzes maken. Daarom stellen we voor om de Archipelweg voor het autoverkeer af te waarderen tot een 30-kilometerweg en om te vormen tot groene straat waar voetgangers en fietsers voorrang krijgen.